Tips bij overdracht kat

Wat katten zo leuk maakt, is dat het eigenzinnige beestjes zijn. Elke kat reageert anders op een nieuwe leefomgeving. De ene kat springt meteen op de bank om lekker te gaan liggen, de andere kruipt onder de bank en komt daar de eerste weken niet meer onder vandaan. Wat geldt voor alle katten is dat ze tijd nodig hebben om aan hun nieuwe leefomgeving te wennen. Dit vraagt om veel geduld en respect voor je kat.

OMGEVING

WENNEN ZONDER ANDERE DIEREN

  • Laat de kat in zijn eigen tempo wennen aan zijn nieuwe leefomgeving en gezinsleden, het is immers niet zijn territorium. De kat heeft in het begin veel behoefte aan rust en wil het liefst alleen op ontdekkingsreis. Hoe verleidelijk het ook is, het is beter om in het begin nog niet met het hele gezin tegelijk om zijn mandje gaan zitten.
     
  • Het beste kun je de kat eerst afzonderen in een kamer waar hij rust heeft en zich veilig kan voelen. Het helpt als je het mandje waarin hij vervoerd is bij hem neerzet. Zo heeft hij een bekende geur om zich heen waardoor hij sneller op zijn gemak is. Zorg dat er eten en drinken in de buurt van zijn mandje staan.
     
  • Zodra hij binnen is, zet je hem meteen op de kattenbak. Vanaf die plaats laat je hem zelf de ruimte verkennen. Op die manier vindt uw kat de weg naar de bak gemakkelijker terug.
     
  • Laat de kat met jou kennis maken. Dwing hem tot niets. Til hem niet tegen zijn zin op om te knuffelen. Laat hem naar jou komen. Het werkt natuurlijk wel als je iets lekkers voor de kat hebt.
     
  • Als de kat eenmaal op zijn gemak is in de ruimte, kun je er een kamer aan toevoegen. Zo kan hij langzaam zijn nieuwe territorium eigen maken.

WENNEN AAN EEN ANDERE KAT

  • Houd de katten de eerste dagen gescheiden. Als het namelijk misgaat bij de eerste ontmoeting, kan dat traumatisch zijn voor de nieuwe kat.
     
  • Je kunt de katten aan elkaar laten wennen door eerst de nieuwe kat te aaien en vervolgens je andere kat. Zo kunnen de katten wennen aan elkaars luchtje.
     
  • Als de kat op zijn gemak lijkt in zijn eigen kamer, kun je de deur op een klein kiertje zetten. Zorg dat ze nog geen oogcontact kunnen maken. Alleen een beetje snuffelen.
     
  • Als dit goed gaat kunt je de katten onder jouw supervisie een korte periode in één kamer laten. Probeer ze af te leiden door ze wat lekkers te geven. Zorg ervoor dat de katten zich ten alle tijden terug kunnen trekken naar een veilige plek.
     
  • Neem de tijd! Katten laten uitvechten is echt dieronvriendelijk. Als je met geduld de katten langzaam aan elkaar laat wennen, gaat het meestal helemaal goed. Als het toch niet lukt, kun je het beste een gedragsdeskundige in huis halen. De kat weer herplaatsen is meestal geen goede optie omdat hij dan weer opnieuw moet wennen aan een omgeving en dat is heel zwaar en traumatisch voor een kat.

WENNEN AAN EEN HOND

  • Het wennen aan een hond verschilt niet met het wennen aan een andere kat. Eerst de dieren apart houden. Daarna langzaam aan elkaars geur laten wennen. Dan laten snuffelen en pas als dat allemaal goed gaat, de dieren onder toezicht samen in een ruimte brengen. Zorgen voor genoeg afleiding en de mogelijkheid om zich beide terug te trekken naar een veilige plek.
     
  • Voorkom ten alle tijden dat de hond de kat achterna gaat.
     
  • Het helpt als je de hond bij het zien van de kat consequent een snoepje geeft. Als je dat volhoudt, krijgt de hond een positieve associatie bij het zien van de kat en dat helpt ook bij de acceptatie.

OPVOEDING

  • Maak de kat vanaf het begin duidelijk wat wel en niet mag. Een kat zal niet zoals een hond leren zitten, staan en liggen. Je kunt je kat wel bepaalde huisregels aanleren, zoals geen planten opeten, behoefte doen in de kattenbak, niet in de gordijnen klimmen of aan meubels, vloerbedekking en muren krabben.
     
  • Een krabpaal is erg handig als je kat veel binnen is. Het is een houten paal bedekt met ruw materiaal. Katten hebben de natuurlijke behoeften om te krabben en zo'n paal voorkomt dat hij de tafelpoot kapot krabt.